Tijd voor minder werkdruk en meer democratie op onze universiteiten

Zomercolumn van Gijs Kooistra

WhatsApp Image 2020-08-30 at 14.27.53

Universiteitspolitiek is niet iets waar veel leden van de JS zich mee bezig houden. Best logisch ook. Hoger Onderwijs instellingen zijn vaak logge en trage organisaties en het kost veel energie om daar dingen voor elkaar te krijgen. Deze tijd en energie steken veel JS-ers liever in het protesteren tegen problemen als de huisvestingsproblematiek, louche maaltijdbezorgingsbedrijven en de vervuilende luchtvaartsector. Universiteitspolitiek lijkt op het eerste oog toch vooral om luxeproblemen te gaan in vergelijking met deze problemen. Als je wat dieper de universiteitspolitiek induikt kom je er echter achter dat dit niet het geval is. In het hoger onderwijs bestaat momenteel een aantal grote problemen die kenmerkend zijn voor de hele publieke sector.

Geldgebrek en werkdruk

Het meest in het oog springende probleem is het geldtekort en de verwante werkdruk die dit oplevert voor de docenten. Sinds 2001 is de rijksbijdrage per student met 25% gedaald. Dit leidt er, samen met de competitieve wijze waarop het geld verdeeld wordt en de vele administratieve taken, toe dat docenten met dezelfde tijd steeds meer werk moeten doen. In een enquête onder 1110 medewerkers in het hoger onderwijs geeft 65% (van het wetenschappelijke personeel) aan lichamelijke dan wel psychische klachten te ondervinden als gevolg van de te hoge werkdruk en geeft 67% aan overwogen te hebben van werk te veranderen door de werkdruk. Dat docenten, die druk bezig zijn ons klaar te stomen om een bijdrage te kunnen leveren aan de maatschappij, zulke last van de werkdruk ondervinden is op zich al een reden om solidair met de docenten te zijn en ons als JS tegen de werkdruk en de geldtekorten uit te spreken.

Maar naast solidariteit is er nog een reden om ons tegen de geldtekorten en de werkdruk uit te spreken. Want niet alleen de docenten, maar ook de studenten hebben last van het werkdrukprobleem. Wanneer docenten tegelijkertijd 10 scriptiestudenten moeten begeleiden, onderzoek moeten doen, colleges moeten geven, managementtaken hebben, beurzen moeten binnenhalen, colleges in het Engels moeten vertalen en de administratie moeten bijhouden gaat de onderwijskwaliteit achteruit. Scriptiebegeleiding wordt korter en gehaaster, vakken die vroeger kleinschalig werden gegeven worden veranderd in vakken met enkel nog hoorcolleges en tentaminering wordt steeds vaker multiple choice. Hierdoor verdwijnt de diepgang en de kleinschaligheid uit het onderwijs en de begeleiding. Onderwijs wordt veel meer lopende bandwerk, in plaats van dat het een manier is om jezelf te verdiepen en te ontwikkelen.

Niet voor niets vindt er momenteel dan ook een sterke tegenreactie plaats. WOinActie, een actiegroep tegen werkdruk en bezuinigingen en voor democratie heeft al vele protesten georganiseerd. Tijdens mijn raadsjaar in 2018 liep ik mee met zo’n twee duizend academici die in Den Haag kwamen protesteren tegen het bezuinigingsbeleid en de hoge werkdruk van docenten. Ook in de medezeggenschapsraden krijgt de tegenbeweging steeds meer in de melk te brokkelen. Zo hebben in Nijmegen de vakbondspartijen gezamenlijk een meerderheid in de gezamenlijke vergadering, in Groningen heeft de Democratische Academie Groningen nu al een aantal jaar een sterke voet aan de grond en in Utrecht heeft de nieuwe partij UUinActie komend jaar drie van de twaalf zetels.

Democratie

Het democratischer organiseren van Universiteiten is een tweede eis die veel weerklank vindt binnen de tegenbeweging. In vergelijking met een aantal decennia geleden is de mate van democratie aan onze Universiteiten laag te noemen. Tot 1997 waren universiteitsraden bestuursorganen en moesten de Colleges van Bestuur gehoor geven aan de wensen van de raden, die de academische gemeenschap vertegenwoordigen. In 1997 is dit echter veranderd met de invoering van de wet Modernisering Universitaire Bestuursorganisatie. Deze wet heeft universiteitsraden gedegradeerd tot medezeggenschaps- en inspraakorganen. Universiteiten worden tegenwoordig meer als bedrijven bestuurd dan als democratische organisaties, waarbij medezeggenschappers meer de rol hebben van lobbyisten dan van vertegenwoordigers. De visie van bestuurders zijn daarmee centraal komen te staan in het universitair beleid in plaats van de visie van de academici en de studenten die samen de academische gemeenschap zijn.

De tegenbeweging pleit voor meer democratie op universiteiten. Hiervoor is een aantal goede redenen te bedenken. De schrijvers van een bijna 200-pagina tellend rapport over de stand van de democratie aan de UvA noemen er vier: democratie draagt bij aan autonomie en onderling respect; democratie geeft ruimte voor pluriformiteit en diversiteit; democratie leidt tot betere beslissingen en democratische besluitvorming zorgt voor draagvlak van besluiten. Democratisering leidt tot een gemeenschap die zich gezamenlijk verantwoordelijk voelt voor de besluiten die genomen worden. Een gemeenschap waarin iedereen zich veilig voelt.

Voor socialisten is er echter nog een extra reden om voor meer democratie te pleiten. Hiervoor kunnen we bijvoorbeeld kijken naar de ideeën van Tom Malleson, een denker uit een groep moderne socialistische denkers die pleiten voor een ‘economische democratie’. Malleson zegt dat het vreemd is dat de meeste mensen enkel participeren in de democratie door eens in de vier jaar een nieuwe elite te kiezen die het land mag besturen. In een echte democratie zouden mensen op veel meer manieren hun omgeving kunnen beïnvloeden. In een echte democratie zouden mensen de kans moeten hebben om invloed uit te oefenen op hun werkomgeving, zodat zij gezamenlijk kunnen beslissen welke diensten en producten door een organisatie worden gemaakt, op welke manier dit gebeurt en op welke manier de winsten worden verdeeld. Door Universiteiten democratischer te maken kan worden gepionierd met manieren om de samenleving democratischer te maken. De leidinggevenden van de toekomst zullen leren dat het normaal is om in een democratische organisatie te functioneren en dit meenemen in hun manier van leiding geven.

Een taak voor Den Haag

De situatie in het hoger onderwijs is symptomatisch voor de situatie in de publieke sector als geheel. Na jaren van vermarkting, efficiëntieslagen en privatiseringen is er overal in de publieke sector een geltekort en wordt de publieke sector gemanaged alsof het bedrijven zijn. Aan Den Haag de taak om de problemen in het Hoger Onderwijs, maar ook in de rest van de publieke sector, op te lossen. De oplossing van het eerste probleem voor het Hoger Onderwijs is dan ook eenvoudig. De geldstromen moeten minder onderhevig zijn aan competitie en ze moeten simpelweg groter. WOinActie vraagt 1,15 miljard euro van het kabinet om de gaten te dichten. Minister Van Engelshoven (D66) erkent ook dat er 1 miljard bij moet voor het Hoger Onderwijs. Vooralsnog lijkt dit echter niet te gebeuren.

De oplossing van het democratisch tekort moet worden gevonden in een aanpassing van de wet op het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek. Vertegenwoordigende raden, zowel op centraal als op facultair niveau, moeten meer rechten krijgen, waardoor een machtsverschuiving plaats vindt richting de vertegenwoordigers van de academische gemeenschap. Tegelijkertijd moet geëxperimenteerd gaan worden met referenda, deliberatieve fora en zelfsturende teams zodat ook de niet-vertegenwoordigers invloed kunnen uitoefenen op hun directe werkomgeving. Op deze manier kan gebouwd worden aan een echt democratische universiteit, wat de start kan zijn voor meer democratie in de samenleving als geheel.

Als Jonge Socialisten moeten wij dus solidair zijn met bewegingen als WOinActie en pleiten voor minder marktwerking, grotere geldstromen en meer democratie in het Hoger Onderwijs. Niet omdat we luxeproblemen voor studenten willen oplossen, maar vanuit het geloof in een gezonde en een sterke publieke sector, waarin de mensen die echt belangrijk werk doen voor onze samenleving hiervoor worden beloond. En vanuit het geloof dat de publieke sector een plek kan zijn waar gepionierd kan worden met nieuwe bestuursvormen die de rest van de samenleving uiteindelijk kunnen inspireren om democratischer te worden.

Door Gijs Kooistra

Categorieën: Blog, Onderwijs

Op de hoogte blijven van de JS?

Schrijf je in en ontvang onze maandelijkse nieuwsbrief waarin we je op de hoogte houden van onze politieke acties en activiteiten.


Doe mee

De Jonge Socialisten in de PvdA is de politieke jongerenorganisatie van de Partij van de Arbeid. Voor slechts €5 ben je een jaar lid!

Ik wil lid worden!
Ik wil meer weten
Jonge Socialisten in de PvdA